6 RVA (1946-1949)6 RVA (1946-1949)

6 RVA - Klik om te vergroten

Oprichting:1946-09-01
Opheffing:1949-11-12
Gelegerd te:Ede, Batavia, Gombong, Magalang, Soebang
Geschut:25-ponder

Als voortvloeisel uit de reeds tijdens de Tweede Wereldoorlog genomen beslissing een Expeditionaire Macht te vormen, bestemd voor uitzending naar Nederlands-IndiŽ, werd in 1946 de 1e Divisie gevormd, ook bekend als de Divisie '7 December'. De divisieartillerie werd gevormd door drie regimenten veldartillerie (RVA), die werden samengesteld en opgeleid bij de in 1946 opnieuw opgerichte negen vooroorlogse vredesregimenten, 1 t/m 9 RVA, die ieder een afdeling leverden voor de op te richten oorlogsregimenten. Deze drie regimenten werden 2 RVA, 6 RVA en 8 RVA genoemd en telden 72 vuurmonden en circa 1900 man personeel, hoofdzakelijk dienstplichtingen. De voorbereidingen voor de oprichting en uitzending van deze regimenten waren reeds in maart 1946 gestart met de opleiding van chauffeurs en seiners. Vanaf april stroomde het kaderpersoneel in dat in Engeland werd opgeleid. In mei arriveerden de dienstplichtige rekruten in Ede, Breda en Wezep en startte aldaar de basisopleiding. Later in de opleiding volgden schietoefeningen in Oldebroek.

Het 6e Regiment Veldartillerie (RVA) werd op 1 september 1946 opgericht in Ede, tegelijk met 2 en 8 RVA. Naar Engels voorbeeld telde 6 RVA drie afdelingen. Iedere afdeling bestond uit twee batterijen met elk vier 25 ponders. 6 RVA vertrok op 3 oktober 1946 met het schip "Tegelberg" uit Nederland. Helaas waren vele tientallen mannen niet teruggekeerd van inschepingsverlof, waardoor het regiment behoorlijk onder de sterkte bleef. Het regiment arriveerde op 28 oktober 1946 in Tandjong Priok. De afdelingen werden aanvankelijk alledrie ingedeeld bij de 2e Infanterie Brigade. Ze zaten verspreid rond Batavia, waar zij zich konden voorbereiden op hun artilleristische taak. Net als de andere artillerie-eenheden in Nederlands-IndiŽ moest 6 RVA snel omschakelen naar infanteristisch optreden ter bestrijding van de talloze vijandelijke aanslagen op de infrastructuur van het gebied en op de Chinese gemeenschap. Aan het verlenen van vuursteun kwam 6 RVA voorlopig niet toe; de grootste uitdaging was het onder controle krijgen van het patrouillegebied dat de afdeling was toebedeeld. Dat ťťn en ander nogal problematisch was, was de commandant van 6 RVA, Luitenant-kolonel Ie FŤvre de Montigny, een doorn in het oog. Hij vond dat de voorbereiding op de inzet in Nederlands-IndiŽ onvoldoende was geweest, zowel in mentaal als in materieel opzicht, en hij hekelde de 'slappe houding' van de troepen, alsmede de slechte personele en materiŽle voorzieningen. Er was een chronisch tekort aan rij-instructeurs, chauffeurs, monteurs, geschut, transportmiddelen en reserveonderdelen. Het langdurig ontbreken van vuurmonden irriteerde hem het meest.

Nog voordat de Eerste Politionele Actie onder de codenaarn Operatie Product in juli 1947 een aanvang nam, werd op 8 juni van dat jaar de 3e afdeling van 6 RVA (3-6 RVA) losgemaakt van 6 RVA en werd het als zelfstandige afdeling toegevoegd aan de V-Brigade, welke gelegerd was te Bandoeng. Na anderhalf jaar in Gombong, belandde 3-6 RVA in Magalang. De overige twee afdelingen hadden inmiddels Soebang als operatiegebied. Gezien het steeds meer guerrilla-achtige karakter van de strijd nam de behoefte aan infanteristische inzet van de artilleristen steeds meer toe. De taken van 6 RVA werden, net als voor de meeste andere artillerie-onderdelen in Nederlands-IndiŽ, steeds meer toegespitst op infanteristisch optreden: patrouiles, bewaking en beveiliging. Uitzonderlijk was dat 6 RVA ertoe overging om inheemse manschappen te werven voor deze taken. Onder commando van luitenant Spier werden deze manschappen onderbracht in een eenheid die "Speciale Troepen" 6 RVA werd genoemd en die behoorlijk succesvol was in hun optredens.

In 1948 leek er een einde te komen aan de inzet in Nederlands-IndiŽ. De onderhandelingen tussen Nederland en de Republiek resulteerden in een akkoord over de erkenning van de Republiek, maar de navolgende besprekingen over de invulling van de staatskundige structuur en de status van IndonesiŽ liepen vast. De republikeinse troepen werden weer actief en de plannen voor demobilisatie van de Nederlandse troepen verdwenen in de ijskast. Demotivatie en oververmoeidheid waren het gevolg. Net als de overige eenheden kreeg 6 RVA te kampen met een grote toename van het aantal zieken en afgekeurden en dus met een sterk teruglopende sterkte. Om over de toestand van het materieel maar te zwijgen. In mei 1949 resulteerden hervatte onderhandelingen er onder internationale druk in dat de Nederlandse troepen zich terug moesten trekken. De verdreven republikeinse regering mocht terugkeren en er werd een conferentie belegd waarin de onafhankelijkheid van IndonesiŽ zou worden geregeld. De strijd zat erop. De drie afdelingen van 6 RVA werden weer herenigd en vertokken op 12 november 1949 naar Nederland. Op 6 December 1949 meerde de "Johan van Oldenbarnevelt"' af aan de kade te Amsterdam.

Media: 
Klik om te openen Foto's: 6 RVA

Naar de homepage van 41 AfdVa C-bt 87-1/2Home